‘Ik was dolgraag doorgegaan’

De Protestantse Diaconie houdt zich al eeuwen met armenzorg bezig. Tien jaar geleden werd het Wereldhuis opgericht, voor mensen op de vlucht zonder verblijfsstatus: de ‘ongedocumenteerden’. Renate Bos zet zich voor hen in. Tekst: Joop Lahaise, Beeld: George Maas/Fotonova

Renate Bos (39) woont in Duivendrecht, studeerde bestuurskunde en politicologie aan de VU en in ­Madrid, was onder meer consultant en is sinds september buddy­coördinator bij het Wereldhuis.

In de gewelvenkelder van het Corvershof aan de Nieuwe Herengracht wordt gezongen en klinken ritmische Afrikaanse klanken. Er worden spelletjes gespeeld en mensen praten met elkaar aan tafels, terwijl anderen onrustig op en neer lopen. En er is altijd wel iemand die iets wil vragen, ook aan Renate Bos. Zij is buddy­coördinator in het Wereldhuis van de Protestantse Diaconie. Wat al die mensen willen? “Van alles, van praktische zaken of juridische bijstand tot een hartelijk woord. Iedereen heeft een verhaal en zit in een lastig parket, als ongedocumenteerde. Ze zijn hier overdag, voor wat gezelschap, warme lunch en hulp maar verder moeten ze het op straat zien te redden.”

Renate Bos spreekt nadrukkelijk niet over ‘illegalen’. “Geen mens is illegaal”, zegt ze met een subtiele glimlach, zich bewust van de woordenstrijd als het om termen gaat voor vluchtelingen en immigranten. “De term ‘ongedocumenteerden’ bevalt mij prima, want precies dat zijn deze mensen. Hun probleem is dat ze niet over de juiste papieren beschikken.“ De term komt uit het Frans: sans papiers, mensen zonder papieren.

Wie zijn het eigenlijk?

“Alle verhalen zijn anders. We zien hier jongemannen uit Afrika maar ook een ouder iemand die al zo’n dertig jaar in Nederland woont, zonder een officiële verblijfsstatus te hebben gehad. Dat kwam er om een of andere reden nooit van maar nu is hij oud en heeft zorg nodig. Veel mensen die naar ons toekomen, hebben een Dublin-claim. Dat wil zeggen dat ze al in een ander EU-land zijn geregistreerd en zonder geldige papieren zijn doorgereisd, omdat ze hier wilden zijn en niet in bijvoorbeeld Italië.”

De Dublin-claim vervalt achttien maanden nadat iemand zich voor de eerste keer in de EU heeft gemeld. Daarna kun je weer een aanvraag doen. Maar al die tijd ben je verstoken van opvang en hulp.

Renate: “Ze krijgen in Nederland basale medische zorg. Maar dat is het dan ook. Géén onderdak, géén werk, géén inkomen, niets. Daar komt nog bij dat Amsterdam de regels heeft aangescherpt. Dubliners krijgen ook hier geen opvang meer. Wel nam de gemeenteraad een motie aan om wat winteropvang te regelen. Na de winter is dat weer een tjokvolle bed, bad en brood-faciliteit, niet open voor Dubliners. Voor hen wil Bos er zijn, voor wie anders nergens terechtkan.”

Het Wereldhuis bestaat tien jaar. “Het liefst heffen we onszelf natuurlijk zo snel mogelijk op, zijn we overbodig.” Bij het Wereldhuis werken vier betaalde krachten en vele tientallen vrijwilligers, van buddy’s tot mensen die koken en klusjes doen. “Met z’n allen helpen we dagelijks zo’n 80 tot 100 mensen, en nog wat bezoekers die voor het advocatenspreekuur of counceling komen. Dat zijn gesprekken, een vorm van maatschappelijk werk, over van alles. Vaak over juridische hulp maar ook over psychische problemen, medicijnen, geld, over van alles. Het Wereldhuis is een laatste strohalm, voor mensen die nergens anders terechtkunnen.”

Sommigen menen dat ze hier niet thuishoren, dat ze immers als vluchteling zijn afgewezen, en dat ze gewoon gelukzoekers zijn?

“Het eerste klopt al niet. Nogal wat mensen maken wel degelijk nog steeds kans op een verblijfsvergunning, zelfs als ze op dit moment uitgeprocedeerd zijn. Vaak zit er een moeilijk verhaal achter. Er zijn hier bijvoorbeeld relatief veel jonge mannen uit Eritrea, die echt op de vlucht zijn voor geweld en vervolging maar dat soms moeilijk kunnen aantonen. Je laat niet zo maar alles achter, je familie, vrienden, je hele bestaan. We merken dat mensen niet gewend zijn om over hun gevoelens te vertellen, dat ze bijvoorbeeld homoseksueel zijn en daarom zijn gevlucht.”

‘Ook uitgeprocedeerden blijken vaak wel degelijk recht op een vluchtelingenstatus te hebben‘

Sommigen zijn bezig om documenten te krijgen, sommigen zijn puur aan het overleven. Uitgeprocedeerden proberen alsnog via het ASKV, het vluchtelingensteunpunt dat ooit vanuit de Amsterdamse kraakbeweging is opgezet, hun verblijfsrecht te halen. Wanneer betrokken asieladvocaten nog eens goed naar een dossier kijken, blijkt er vaak nog veel mogelijk. Tijdens het gesprek loopt zo’n advocaat Renates kantoortje binnen: “Ik ga maar weer, want ze zijn niet op hun afspraak komen opdagen”, meldt ze laconiek. “Maar je weet me te vinden.” Renate bedankt haar en legt uit: “Zo’n zes tot acht advocaten wisselen elkaar af en zorgen dat er elke woensdag spreekuur is. En soms komen mensen niet opdagen, want ongedocumenteerden leiden vaak een chaotisch bestaan, door alle stress en onzekerheid. Op andere momenten staan er juist weer een stuk of wat zonder afspraak voor de deur.”

Die deur zal nog vaak open gaan tijdens het gesprek. Renate verontschuldigt zich, nadat ze weer iets had moeten regelen: “Die meneer is gisteren gearriveerd en we zijn nu bezig met een slaapplaats.”

Wat motiveert jou om dit werk te doen?

“De overtuiging dat ieder mens van waarde is en liefde nodig heeft. Ik wil ongedocumenteerden hun waarde teruggeven.” En na enige aarzeling en wat doorvragen: “En ja, ook de behoefte om Gods liefde door te geven. De Diaconie springt in gaten waar niemand anders iets biedt.”

Naschrift: het nieuwe gemeentebestuur wil de opvang van ongedocumenteerden verruimen en sterk verbeteren, tot ergernis van het kabinet.

advertentie Regenboog Groep

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here